Zum Inhalt springen

Warenkorb

Ihr Warenkorb ist leer

Artikel: Polo heren: welke polo kies je en hoe draag je hem?

Men's Polo Shirt Guide: Fabrics, Fit and Styling

Polo heren: welke polo kies je en hoe draag je hem?

Bijna iedere man heeft een polo in de kast. Veel minder mannen hebben er een die er na twee zomers nog steeds goed uitziet. De kraag zakt in, de zoom kruipt omhoog na een paar wasbeurten, en wat begon als een net kledingstuk eindigt als iets dat je aantrekt om de auto te wassen.

Dat is geen pech. Het wordt bepaald door een handvol dingen die je bij het kopen kunt controleren, als je weet waar je naar kijkt. Hieronder staat wat een polo die je vijf jaar draagt onderscheidt van een die je elk seizoen vervangt.

Begin bij de kraag, niet bij de stof

De meeste gidsen beginnen bij de stof. In de winkel vertelt de kraag je sneller wat je wilt weten. Pak de polo op en laat de kraag in je hand liggen. Een goede kraag houdt zichzelf overeind, met een lichte rol erin, en staat los van het lijf van de polo in plaats van er plat tegenaan te vallen.

Die stevigheid komt uit de constructie. Betere polo's hebben een apart gebreide kraag met een dichtere steek dan de rest van het kledingstuk, soms met een dunne tussenvoering. Goedkopere polo's snijden de kraag uit dezelfde stof als het lijf en vertrouwen alleen op de naad. Dat werkt ongeveer een maand.

Dit weegt zwaarder dan wat dan ook, omdat de kraag het deel is waar mensen naar kijken. Hij zit op ooghoogte in elk gesprek dat je voert. Een polo kan overal verder perfect zitten en er alsnog slordig uitzien als de kraag het heeft opgegeven.

Controleer meteen ook de knooplijst. Die hoort plat en gesloten te liggen zonder open te trekken, en de knoopsgaten horen verstevigd te zijn. Losse knopen op een polo zeggen bijna altijd iets over de rest van de afwerking.

Het breisel bepaalt hoe de polo zich gedraagt

Een polo is gebreid en niet geweven, en daar komt zijn hele karakter vandaan. Geweven stof houdt een strakke lijn en kreukt scherp. Gebreide stof rekt, valt zachter en beweegt met je mee. Daarom voelt een polo losser dan een overhemd terwijl hij wel een kraag heeft. In Polo of T-shirt zetten we het verschil met een T-shirt uiteen, en de geweven kant van je garderobe staat in onze overhemdengids.

Piqué is het breisel waar de meeste mensen aan denken. Het heeft een fijne wafelstructuur, ligt net iets van de huid af en laat lucht door, en dat is de reden dat het al honderd jaar de standaard is voor warm weer. Diezelfde structuur breekt ook de kleine kreukjes die na twee uur zitten op je borst verschijnen. Koop je er maar één, koop dan deze.

Jersey is vlak en glad, dichter bij een goed T-shirt. Het oogt strakker en gaat zonder volume onder een jasje, maar het laat elke kreuk zien en gaat plakken zodra de pasvorm ook maar iets te krap is. Jersey vraagt om net iets meer ruimte.

Gemerceriseerd katoen is de moeite van het uitleggen waard, omdat het een prijsverschil verklaart dat er anders willekeurig uitziet. Het garen wordt onder spanning behandeld voordat het gebreid wordt, waardoor de vezel gladder en ronder wordt. Je krijgt een subtiele glans, kleur die het wassen beter overleeft, en duidelijk meer weerstand tegen het uitrekken dat kragen en zomen sloopt. Onze Mercerized Short Sleeve is van Egyptisch SUPIMA katoen om precies die reden, en het verschil zie je na tien wasbeurten, niet op dag één.

Dan zijn er de mengsels. Een klein percentage zijde verandert hoe een polo valt en geeft hem een vloeiende val die goed werkt op warme avonden. De Horizon Polo werkt zo. Technische stoffen gaan de andere kant op en ruilen zachtheid in voor vormvastheid en sneldrogend gedrag, wat zich vooral bewijst op een lange reisdag. Wil je dieper op stoffen ingaan, kijk dan naar de beste stoffen voor overhemden en polyester of katoen.

De pasvorm wordt bepaald bij de schouder

Aan alles behalve de schouder valt nog te sleutelen. De schoudernaad hoort precies op de buitenrand van je schouderbot te vallen. Zit hij daaroverheen, dan hangt de hele polo aan je en is er geen maat of stof die dat nog goedmaakt. Kijk daar dus als eerste naar in de pashokje, voordat je naar iets anders kijkt.

Over de borst wil je dat de stof je net raakt zonder te trekken. Gebreide stof rekt, dus een polo die staand prima zit kan bij het zitten opentrekken bij de knooplijst. Zie je horizontale trekkende lijnen over je borst, dan heb je je antwoord.

De mouw hoort halverwege je bovenarm te eindigen, met een klein beetje ruimte eromheen. Korter oogt sportief, langer oogt geleend. Dit is het punt waar de meeste mannen de fout in gaan, meestal omdat ze een maat groter kochten voor het comfort en de mouw gewoon meegroeide.

De lengte is simpeler dan mensen denken. De zoom hoort ongeveer halverwege je gulp te eindigen. Dan heb je genoeg stof om in te stoppen als je dat wilt, en kort genoeg om hem los te dragen zonder je zakken te bedekken. Alles wat langer is, is ontworpen om in de broek te dragen, wat het label ook zegt. Dezelfde logica voor overhemden staat in hoe hoort een overhemd te zitten.

Is een polo netjes genoeg voor kantoor?

In de meeste Nederlandse kantoren wel, en in de zomer vaak zelfs de betere keuze dan een overhemd. Maar of hij netjes overkomt, ligt niet aan het kledingstuk. Dat ligt aan de details.

Ingestopt in een nette broek, met een riem en schoon schoeisel, leest een polo als een bewuste keuze. Wat het meteen de andere kant op duwt: contrasterende biezen, zichtbare logo's, sportieve geribbelde boorden, en een maat die van je schouders afhangt. Effen kleuren in een verzorgd breisel doen het werk, drukke details werken tegen je.

Twee situaties waarin je beter voor een overhemd kiest: een echt formele dresscode, en elke gelegenheid waar een colbert verplicht is en de polo dus zichtbaar de rol van overhemd probeert over te nemen. Bij smart casual en business casual is de polo gewoon toegestaan, zolang de pasvorm klopt.

Kleur doet meer dan je denkt

Een polo drijft op kleur, meer dan de meeste kledingstukken, omdat er geen dessin of constructie is die het werk overneemt. Gedempte, iets complexere tinten ogen aanzienlijk duurder dan felle basiskleuren. Olijfgroen, zandtinten, marineblauw, diepbruin en gebroken wit staan bij vrijwel iedereen goed en werken met de broeken die je al hebt.

Zwart is de kleur om voorzichtig mee te zijn. In gebreid katoen verkleurt zwart sneller naar stoffig grijs dan welke andere kleur ook, en het maakt de structuur van piqué onzichtbaar, terwijl die structuur juist het interessante deel is. Wil je donker, dan houdt een diepe marine of antraciet zich beter.

Zo draag je hem buiten kantoor

Los gedragen op een chino, linnen broek of nette korte broek doet een polo alles wat een T-shirt doet, maar met meer bedoeling erachter. Textuur telt hier zwaarder dan kleur. Een piqué of een licht onregelmatig breisel in een natuurlijke tint oogt doordacht, zelfs als de rest van de outfit ontspannen is. Meer combinaties staan in zomer outfit ideeën voor heren.

Voor de avond pak je de zachtere stoffen. Een polo met zijde in een diepere tint op een donkere broek werkt op warme avonden waar een overhemd te veel voelt. Laat hooguit één knoop open. Drie open knopen is een besluit, en zelden het juiste.

Onder een trui wint de polo het rustig van het T-shirt. De kraag geeft de halslijn ergens houvast, waardoor de outfit niet vlak wordt. Onder een ongevoerd jasje of een bodywarmer doet hij hetzelfde. Combineer met stukken uit onze truien en vesten zodra het kouder wordt.

Zo blijft hij goed

Twee gewoontes doen het meeste werk. Vouw je polo's in plaats van ze op te hangen, want gebreide schouders rekken over een hanger en komen niet meer terug. En laat de kraag met rust als je strijkt. Die hoort een lichte rol te houden, en plat persen haalt de enige structuur eruit die hij heeft.

Was op 30°C, sla de droger over en laat plat drogen. Katoenen polo's verliezen bij de eerste wasbeurt sowieso iets aan lengte, maar het is de hitte die daar een echt probleem van maakt.

Welke polo's heb je echt nodig

Drie dekken vrijwel alles. Eén neutrale piqué voor dagelijks, één in een verfijnde afwerking zoals gemerceriseerd katoen voor momenten waarop je er verzorgd uit wilt zien, en één in een mengsel of technische stof voor reizen en hitte. Houd ze binnen dezelfde kleurfamilie, zodat ze dezelfde broeken en schoenen delen. Dan heb je effectief veel meer dan drie outfits gekocht.

Bekijk het volledige assortiment bij onze polo's en T-shirts, of neem Essentials door als je je garderobe vanaf de basis opbouwt.

FAQ's

Stop je een polo in of draag je hem los?

De zoom vertelt je waarvoor hij ontworpen is. Een polo die ongeveer halverwege je gulp eindigt met een rechte zoom en kleine splitjes opzij is bedoeld om los te dragen, en als je die instopt houd je zo weinig stof onder je tailleband over dat hij bij de eerste beweging weer omhoog kruipt. Een langer model met een gebogen zoom die achter dieper valt is juist gemaakt om in te stoppen, en los gedragen bedekt hij je zakken en maakt hij je optisch korter. Kijk dus naar de vorm van de zoom voordat je naar de gelegenheid kijkt.

Waarom gaat de kraag van een polo slap hangen?

De kraag verliest zijn stand zodra de gebreide steken uitrekken en niet meer tegen elkaar in trekken. Dat komt in de praktijk bijna altijd door te warm wassen en door de polo aan een smalle hanger te hangen. Als die steken eenmaal uit vorm zijn getrokken, herstelt de vezel zich niet meer, dus een ingezakte kraag krijg je niet betrouwbaar terug. Voorkomen is het enige echte antwoord. Was op 30°C, laat plat drogen in plaats van op een hanger, en vouw de polo bij de schouder. Kragen die in een dichtere steek zijn gebreid dan het lijf, of licht zijn getussenvoerd, houden onder dezelfde behandeling veel langer stand.

Piqué of jersey: welke koop je als eerste?

Piqué, als je er maar één koopt. De wafelstructuur houdt de stof net van je huid af zodat er lucht doorheen kan, en diezelfde structuur breekt de kleine kreukjes die na een paar uur zitten op je borst verschijnen. Jersey is vlak en glad, wat strakker oogt en zonder volume onder een jasje gaat, maar het laat elke kreuk zien en gaat plakken op elke plek waar de pasvorm krap is. Koop piqué voor dagelijks dragen en warm weer, en voeg later jersey toe voor de dagen waarop je een gladdere lijn wilt.

Welke maat polo heb ik nodig?

Bepaal je maat bij de schouder en niet bij de borst. De schoudernaad hoort precies op de buitenrand van je schouderbot te vallen, want zit hij daaroverheen dan hangt de hele polo aan je en corrigeer je dat met geen enkele andere maat. Twijfel je tussen twee maten, kies dan de kleinste waarbij de knooplijst gesloten blijft als je gaat zitten. Gebreide stof rekt namelijk mee met je lichaam, dus een polo die staand net iets ruim voelt, valt in beweging vaak te groot uit. De mouw hoort halverwege je bovenarm te eindigen, en dat is meestal de eerste plek waar je ziet dat je een maat te groot hebt gepakt.

Krimpt een polo, en hoeveel?

Een katoenen polo verliest bij de eerste wasbeurt meestal twee tot drie procent, en dat gaat vrijwel volledig van de lengte af en niet van de breedte. Daarom kan een polo die in de winkel goed zat opeens boven je tailleband uitkomen. Hitte veroorzaakt het, dus koud wassen en de droger overslaan haalt het grootste deel van het probleem weg. Gemerceriseerd katoen houdt zich hierin beter dan gewoon katoen, omdat het garen al onder spanning is behandeld voordat het gebreid werd en er dus minder ontspanning in de vezel over is.

Mehr erfahren

How Should a Bodywarmer Fit? A Complete Sizing Guide

Wie sollte ein Bodywarmer sitzen? Ein vollständiger Size Guide

Ein Bodywarmer sollte körpernah sitzen, ohne zu ziehen, mit der Schulternaht direkt auf Ihrem Schulterknochen und genug Platz darunter für einen Mid Layer, meist ein Hemd und ein feiner Knit. Der S...

Mehr erfahren